Visie op onderwijs

Een school die openstaat voor iedereen

Montessorischool Maassluis wil dat al haar leerlingen een bijzondere tijd op de school hebben. Immers, de jaren die je op een basisschool doorbrengt, blijven je een leven lang bij. We proberen zoveel mogelijk een school te zijn zonder drempels, voor kinderen en ouders. Alle kinderen zijn daarom welkom op onze school, ongeacht hun achtergrond of geloof.

De school is een ontmoetingsplaats, waar kinderen zich in de eerste plaats veilig en ‘thuis’ moeten kunnen voelen. Waar kinderen met elkaar in contact komen en van elkaar kunnen leren. Verder willen we onze kinderen leren respect te hebben voor elkaar. Ook vinden we het belangrijk dat de kinderen aandacht hebben voor onze waarden en normen. Voor die dingen die we waardevol vinden en waar mensen zich voor in willen zetten. Daarnaast staan we stil bij de belevenissen van kinderen door met elkaar in gesprek te gaan. We praten met kinderen over hun ervaringen en we leren ze kritisch te kijken naar situaties en gebeurtenissen uit de wereld om hen heen.

Werken in de klas

De basisontwikkeling

Kleuters leren het meest tijdens hun spel. Wij spelen hierop in door te zorgen dat er veel verschillende materialen aanwezig zijn in de groepen waarmee kleuters kunnen spelen en leren. We praten met de leerlingen, onder andere bij de kringactiviteiten, over allerlei onderwerpen zodat ze veel woorden leren en goed leren spreken. Dit is van belang voor het latere lees- en taalonderwijs.

We besteden veel tijd aan voorlezen waardoor de luisterhouding van de leerlingen geoefend wordt. Ook vinden er voorbereidende schrijfactiviteiten plaats. De rekenbegrippen krijgen in spelvorm ruim aandacht. Veel activiteiten introduceren we via thema’s. Voor ouders is er de mogelijkheid om de woordenlijsten op te vragen die horen bij het thema waar de kleuters mee bezig zijn. Op deze manier kunt u ook thuis met uw kind over het thema praten en de woorden oefenen.

De basisvaardigheden 

Op school onderscheiden we verschillende vakgebieden:

  • Nederlandse taal; lezen, taal, schrijven;
  • Rekenen en wiskunde;
  • Wereldoriënterende vakken (kosmisch onderwijs);
  • Kunstzinnige oriëntatie; expressieactiviteiten (drama, muziek, handvaardigheid, tekenen);
  • Bewegingsonderwijs; lichamelijke oefeningen en spelbevordering.

Lezen 

In het leesonderwijs onderscheiden we technisch, begrijpend en studerend lezen. Bij technisch lezen gaat het om het proces van het leren lezen. Begrijpend en studerend lezen richten zich met name op begrip. In onze school wordt begonnen met lezen wanneer een kind daar aan toe is. In de onderbouw kijken we of het kind gevoelig is voor letters. Als dat zo is, bieden we de letters aan. Daarnaast gebruiken we de methode Wat zeg je? Wat hoor je? voor het aanvankelijk lezen. Wanneer een kind in de onderbouw nog niet begonnen is met lezen, dan start dit proces in de middenbouw. Hiervoor gebruiken we de methode van de Hoek, technische oefeningen van de leeshoek en de Montessori-materialen. De kinderen die al kunnen lezen, krijgen de mogelijkheid zich verder te ontwikkelen. Aan het eind van groep 3 kunnen in principe alle kinderen eenvoudige boekjes lezen en begrijpen. Dagelijks mogen de kinderen een nieuw leesboek (op het juiste AVI-niveau) gaan halen uit onze schoolbibliotheek.

Begrijpend lezen is erg belangrijk. Je kunt pas genieten van het lezen van een tekst als je ook begrijpt wat je leest. Tijdens het technische leesproces wordt dan ook steeds aandacht besteed aan het begrijpen van een tekst. Dit proces gaat hand in hand.

Bij studerend lezen gaat het in de eerste plaats om het verwerven van informatie door middel van lezen. De nadruk ligt op het verwerken van informatie en om het onthouden en gebruiken ervan. Dit is van groot belang bij kosmisch onderwijs (wereldoriëntatie) en bij het maken van werkstukken. Voor de vaardigheid begrijpend en studerend lezen hebben we verschillende materialen zoals onder andere de leeszinnen en de methode Goed Gelezen.

Taal / spelling

Het mondeling taalonderwijs begint in de onderbouw. We besteden daar veel aandacht aan het praten en het luisteren. Dit gebeurt onder andere bij de kringactiviteiten. We leren de kinderen zo vroeg mogelijk mondig te zijn. Vanaf de middenbouw komt daar ook de schriftelijke taalvaardigheid bij en leren we kinderen het correct schrijven aan. Er zijn talloze werkjes waarin taaloefeningen gedaan worden (Taalsets). Zo krijgen kinderen de opdracht om te bekijken hoe zinnen in elkaar zitten, gaan ze woordsoorten benoemen en ontleden ze zinnen met taaldozen. Schriftelijk taalgebruik wordt in de bovenbouw nog verder uitgewerkt met de CED-spellingslijn. Vanaf de middenbouw proberen we een goede balans te creëren tussen

mondeling en schriftelijk taalgebruik. De kinderen leren een voordracht te houden voor hun klasgenoten door boekbesprekingen, spreekbeurten en presentaties van hun werkstuk.

Schrijven 

In de onderbouw wordt spelenderwijs gestart met schrijven. De kinderen ontwikkelen hun grove motoriek door oefeningen te doen met grote vormen. Als dat goed gaat, werken we toe naar een verfijning van de motoriek. Ook activiteiten als plakken, knippen, kleien en werken met ontwikkelingsmaterialen zorgen voor een verdere ontwikkeling van de zintuigen en de motoriek. In de onderbouw beginnen we met het schrijven van cijfers en letters. We starten hier niet te vroeg mee, alleen als een kind eraan toe is. Daarnaast werken we met de methodes Novoskript en Schrijfdans om de motoriek te oefenen. In de middenbouw komt het schrijven structureel aan de orde. Via de weg van ontwikkelingsgericht schrijven wordt het schrijven zoveel mogelijk geïntegreerd aangeboden. Hierbij is altijd duidelijk wat het doel van schrijven is, nl. schrijven om te communiceren. Bij de schrijfontwikkeling kijken we wat een kind aankan. We gebruiken de schrijfmethode Novoskript.

Rekenen

Het concreet handelen en werken met materialen bij het rekenonderwijs is bij ons op school erg belangrijk. Het kind wordt door de vele montessori rekenmaterialen al vroeg gemotiveerd om bezig te zijn met rekenen. In de onderbouw leert een kind de getallen spelenderwijs door te spelen met kralenstaafjes. Het maakt met het materiaal ‘sommen’. Ook leert een kind met grote getallen te werken en ervaart het dat 1000 ‘veel meer’ is dan 1. Het leert begrippen als meer en minder. In de middenbouw wordt er nog steeds veel met materiaal gewerkt. Wel wordt het materiaal steeds abstracter. Het kind leert optellen en aftrekken onder de 20, bewerkingen tot 100, de tafels, delen, vermenigvuldigen met behulp van het grote vermenigvuldigbord en bewerkingen tot 1000 en groter. Het leert al snel zowel met kleine als met zeer grote getallen te werken. Het bijzondere van onze school is dat de concrete materialen ook in de bovenbouw nog een belangrijke functie hebben. In de bovenbouw worden nog allerlei nieuwe bewerkingen, zoals breuken, machtsverheffen en worteltrekken, aan de hand van concreet materiaal uitgelegd en inzichtelijk gemaakt. Naast de materialen werken we met de rekenkaternen van het CED en met ‘het nieuwe rekenen’ ontwikkeld door de Montessorivereniging.

Kosmisch onderwijs

Onder kosmisch onderwijs wordt verstaan: geschiedenis, staatsinrichting, aardrijkskunde, topografie en natuuronderwijs (biologie, techniek, gezond en redzaam gedrag en milieu). Het idee achter kosmische opvoeding en onderwijs is dat er door deze vorm van opvoeding en onderwijs, bij het kind het inzicht ontstaat dat de feiten en verschijnselen waarmee het te maken krijgt, nooit uit losse fragmenten bestaan, maar deel uitmaken van een groter geheel, de kosmos.

Op onze school bieden we kosmisch onderwijs aan via zelf ontwikkelde thema’s die getoetst zijn aan de kerndoelen. Hierdoor krijgt een kind inzicht in de relaties tussen alles wat bestaat. Het doet kennis op tijdens de groepslessen en wordt geholpen om op zelfstandige wijze met de materie bezig te zijn. In de midden- en bovenbouw wordt veel gewerkt met informatieboeken en met de computer. We hebben op school een mediatheek ingericht waar de kinderen kunnen werken. Tijdens de lessen kosmisch onderwijs werkt het kind alleen of samen aan een opdracht.

Voor biologie werken we regelmatig ook met lessen en leskisten van het CNME (Centrum voor Natuur- en MilieuEducatie). Voor techniek hebben we twee grote kasten op school waar kinderen zelf ontdekkingen mee kunnen doen. Daarnaast organiseren we bij bijna elk feest (bijvoorbeeld Sinterklaas) een knutselmiddag waarbij kinderen ook techniekopdrachten krijgen.

Engels

In de bovenbouw wordt gewerkt met de methode Just do it. Kinderen werken deze methode samen of individueel door.

Zorg en Montessori Leerlijnen

Montessori Leerlijnen: Dagelijks observeert de leerkracht het kind en voert de leerkracht gesprekjes met het kind. De leerkracht in de midden- en bovenbouw bekijkt daarnaast het schriftelijk werk van kinderen. Al deze informatie verwerkt de leerkracht (signaleringen) in ons leerling volgsysteem ParnasSys. M.b.v. de leerlijnen volgt de leerkracht het individuele kind in zijn totale ontwikkeling, dat wil zeggen in de diverse ontwikkelingsfases op ieder gebied. dagelijks worden de signaleringen (observaties, gesprekken, registraties van beheers- en verwerkingsmomenten) verwerkt in de leerlijnen. Deze leerlijnen vormen de basis van het verslag dat heel de schoolcarrière meegaat met de kinderen en besproken wordt met de ouders. Drie keer per jaar voeren we met de ouders een verslaggesprek. Eenmaal per jaar zonder papieren verslag (herfstgesprek) en tweemaal per jaar aan de hand van een geschreven verslag.

Jaarlijks voert de intern begeleider diverse gesprekken met de leerkrachten naar aanleiding van de voortgang in de leerlijnen en de uitslagen van de toetsen. In dit overleg wordt gekeken of het onderwijs voor het kind bijgesteld moet worden.

Montessorischool Maassluis
Seringenstraat 110
3142 NX Maassluis
010-5917410

info@montessorischoolmaassluis.nl







Copyright© Montessorischool Maassluis 2016 - kiem.online

Montessorischool Maassluis